Een goede vriendin was de eerste die het voorzichtig opperde.
“Misschien zou dit je kunnen helpen,” zei ze.
Ze vertelde over verhalen van mensen die, na een psychedelische ervaring, iets terugvonden wat ze kwijt waren. Herinneringen. Gevoel. Verbinding.
Dat raakte iets in mij. Of misschien beter gezegd: het wekte iets.
Ik begon te zoeken. Te lezen. Te vragen.
Over truffels. Over wat ze doen. Over wat ze zouden kunnen openen.
Het bijzondere was: hoe meer ik erop lette, hoe vaker het op mijn pad kwam. Alsof het onderwerp mij begon te vinden in plaats van andersom. Truffelceremonies. Ervaringsverhalen. Mensen die er bijna eerbiedig over spraken.
Ik kwam in contact met iemand die zulke ceremonies begeleidde. Ook hij zei: “Dit zou voor jou interessant kunnen zijn.”
Mijn verwachting groeide.
Uiteindelijk bestelde ik ze gewoon online. In Nederland is dat niet eens zo ingewikkeld. Ze zijn legaal verkrijgbaar. Maar toch… het voelt als een soort grensgebied. Is het drugs? Is het iets anders?
Ik wist het niet precies. Maar ik wist wel: ik ga dit doen.
Een paar dagen lagen ze in mijn koelkast. Te wachten.
Of misschien: ík was degene die wachtte.
Een vriendin had me dringend aangeraden dit niet alleen te doen. Het kan ook donker worden, zei ze. Onvoorspelbaar.
Dus vroeg ik een vriend. Iemand die zelf ooit een truffelceremonie had meegemaakt en daar vol vuur over sprak. Hij zei meteen ja.
Wat me raakte, was hoe serieus hij het nam.
Hij stelde een hele playlist samen. Muziek die me zou dragen, begeleiden, misschien zelfs sturen.
Er zat zoveel zorg in. Zoveel aandacht. Liefde, eigenlijk.
En toen kwam de dag.
We begonnen rustig. Ademhalingsoefeningen. Aarden. In mijn lichaam komen.
Daarna at ik de truffels.
De smaak verraste me. Aards. Nootachtig. Een beetje als walnoot.
Niet vies, maar ook niet iets wat je voor je plezier eet.
Ik ging liggen op een matje dat hij had meegenomen. Muziek in mijn oren.
Wachten.
En toen… gebeurde het.
Kleuren. Beweging. Maar vooral een gevoel dat zich niet goed laat vangen in woorden.
Een overweldigend besef van: het is oké.
Ik moest lachen. En huilen. Tegelijk.
Er was zoveel vreugde dat het bijna niet te dragen was. Alsof ik openbarstte onder de intensiteit van liefde die ik voelde.
Ik voelde me verbonden. Niet een beetje, maar totaal.
Alsof alles en iedereen deel was van één geheel.
Vooraf had ik gebeden. Tot Jezus. Of Hij bij me wilde zijn. Me wilde beschermen.
En midden in die ervaring voelde ik iets wat ik alleen maar kan omschrijven als Zijn nabijheid.
Een omarming. Intens. Werkelijk.
Ik werd overspoeld door liefde.
En misschien was dát wel de diepste ontdekking:
dat de bron van alles wat ik daar aanraakte, geen leegte was, maar pure liefde.
En toch…
Nu ik terugkijk, voelt het ook vreemd.
Alsof het niet helemaal echt was.
Omdat het contrast zo groot is.
Waar ik daar vervuld was, voel ik me nu soms leeg. Uitgeput. Zelfs een beetje ontheemd.
Alsof ik even ergens ben geweest waar ik nu niet meer bij kan.
En tegelijk weet ik: dat betekent niet dat het niet echt was.
Misschien ben ik nog aan het integreren.
Aan het landen.
Ik ben dankbaar dat er iemand bij me was. Dat ik die avond niet alleen was.
Want de leegte daarna had anders zwaarder kunnen voelen.
Wat deze ervaring me heeft laten zien, is misschien niet zozeer een nieuwe waarheid, maar een diepere laag van iets wat ik ergens al wist:
De menselijke geest is bijzonder.
En we maken deel uit van iets groters.
Iets wat zich niet laat vastpakken, alleen ervaren.
En als ik het één naam mag geven, dan is het dit:
liefde.
Ik verlang niet terug naar die plek. Niet op een nostalgische manier.
Maar ik kijk er wel met dankbaarheid op terug.
Omdat ik, al was het maar even, iets heb mogen aanraken
van waar alles uit voortkomt.
Misschien roept dit verhaal vragen op. Of zelfs weerstand. Dat snap ik. Voor mij was deze ervaring geen vervanging van mijn geloof, maar juist een moment waarin ik opnieuw iets proefde van overgave, kwetsbaarheid en verlangen naar God.
Ik geloof niet dat God zich laat opsluiten in onze kaders. Hij ontmoet ons soms op plekken waar we Hem niet verwachten. En misschien is dat wel de uitnodiging: niet om alles goed te keuren, maar om open te blijven voor hoe Hij werkt – ook als dat schuurt.
Ik blijf zoeken. En ik blijf vertrouwen dat Hij mij daarin niet loslaat.
De afbeelding is trouwens een bewerkte foto van mij genomen door mijn vriend die bij me was tijdens de trip. Je ziet mijn gelukzalige lach…! 🙂


Geef een reactie